Crisis

CRISISNUMMERS

Tijdens kantooruren:

  • Heerlen: 045 – 560 4004
  • Voerendaal: 045 – 567 7530
  • Landgraaf: 14-045

’s Avonds of in het weekend:

  • Crisishulp Jeugd Zuid-Limburg: 043 – 604 5777
Crisis

CRISISNUMMERS

Tijdens kantooruren:

  • Heerlen: 045 – 560 4004
  • Voerendaal: 045 – 560 25 61
  • Landgraaf: 14-045

’s Avonds of in het weekend:

  • Crisishulp Jeugd Zuid-Limburg: 043 – 604 5777

Schoolmaatschappelijk werk als verbindende factor

Laten we eerlijk zijn, die middelbare schooltijd is een enorme uitdaging. Je ontmoet nieuwe mensen, krijgt steeds andere docenten en komt in een nieuw gebouw. Er wordt meer van je gevraagd. Je hormonen gieren door je lijf en je puberbrein ontwikkelt zich supersnel. En dan zijn er leerlingen die, naast deze uitdagingen, er nog veel meer hebben op hun bordje hebben. Bijvoorbeeld omdat hun ouders net gescheiden zijn, ze onzeker en perfectionistisch zijn of gewoon niet lekker in hun vel zitten. En laten we de druk van sociale media niet vergeten.

Uitdagende periode

“Ik weet niet of ik mijn diploma had gehaald als TikTok toen al bestond en wat Instagram en Snapchat met mijn zelfvertrouwen hadden gedaan. Dan bewonder ik deze leerlingen en vind ik het mooi dat ik ze mag ondersteunen en met ze mee mag denken,” aldus Marloes Hallers die al acht jaar als schoolmaatschappelijk werker in het voortgezet onderwijs werkt. Marloes is verbonden aan verschillende middelbare scholen en werkt op dit moment voor JENS bij Yuverta (voorheen Citaverde college) en het Grotius college. In dit artikel vertelt zij over de rol en het belang van het schoolmaatschappelijk werk.

School en thuis verbinden

Marloes: “De school is er om onderwijs te bieden. Docenten staan voor de klas om hun kennis over hun vak te delen met de leerlingen. Om ze na te laten denken over hun toekomst en te bekijken waar hun talenten liggen. Bij een groot deel van de leerlingen gaat dit vanzelf en bij andere leerlingen zijn er uitdagingen. Bijvoorbeeld omdat het thuis niet lekker gaat of vanwege een ruzie in de klas.
Wat er op school gebeurt, kan invloed hebben op hoe het thuis gaat en andersom. Als schoolmaatschappelijk werker leg ik die verbinding tussen de situatie op school en thuis. Dat is volgens mij heel belangrijk.”

De schoolmaatschappelijk werker wordt ook wel eens de spin in het web genoemd. Ze verbinden school met thuis, preventie en hulpverlening. “Je legt de verbindingen die nodig zijn. Aan de ene kant met het voorliggend veld, zoals trainingen en activiteiten. En aan de andere kant met hulpverlening als er meer nodig is,” vertelt Marloes.

De drempel verlagen

Het schoolmaatschappelijk werk biedt leerlingen ook een laagdrempelige manier om hulp te zoeken. Marloes: “Soms vinden leerlingen het enorm spannend om naar een hulpverlener toe te gaan. Omdat leerlingen tijdens de les op school naar mij toe mogen komen, verlaag je deze drempel. Dat biedt jongeren de kans om hun problemen in een vroeg stadium met ons te delen, waardoor je ook preventief kunt werken.”

Bredere rol maatschappelijk werk

Door de komst van passend onderwijs en de transformatie in de jeugdhulp, kreeg het schoolmaatschappelijk werk een bredere rol. Het zijn niet alleen de laagdrempelige gesprekken die de schoolmaatschappelijk werkers uitvoeren. Zij hebben ook een adviserende rol gekregen. “We kijken mee, schatten in, leggen de link naar het voorliggend veld en verwijzen als het nodig is. Dat doen we door met de leerling in gesprek te gaan en door te kijken wat hij of zij nodig heeft. Daarnaast signaleren we en bekijken we wat in een klas of op school nodig is. Of andersom, als de hulpverlening afgebouwd wordt en we nog wel zicht willen houden op een leerling, dan kan die bij mij worden aangemeld zodat ik hem of haar kan volgen,” licht Marloes toe.

Naast de leerling staan

Marloes twijfelt even bij de vraag wat het mooiste is aan haar werk. “Wat mooi is in ons werk, gaat vaak over de ellende van de ander, dus dat vind ik een lastig aspect van die vraag. Maar wat ik het mooiste aan mijn werk vind, is dat ik naast leerlingen mag gaan staan. Dat ik ze een plek mag bieden waar ze open en eerlijk mogen zijn en waarin ze even stil mogen staan naast alles wat ze moeten en wat van hen verwacht wordt. Dat ik ze ondanks de eerste weerstand toch kan motiveren om hulp te accepteren. Dat ze me trots komen vertellen dat ze geslaagd zijn. Of gewoon wanneer ze ‘Dank je wel’ zeggen omdat ik naar ze geluisterd heb.”

Facebook
Twitter
LinkedIn